Geslaagde bronbemaling bij waterproductiebedrijf Tilburg

Brabant Water is in 2013 gestart met de bouw van een onthardingsinstallatie bij waterproductiebedrijf Tilburg. Voorafgaand aan de bouw moesten diverse leidingen op het terrein van het productiebedrijf worden omgelegd. Door te werken met een uitgekiend bemalingsplan, heeft bemalingsbedrijf De Vet ervoor gezorgd, dat dit leidingenwerk 'in den droge' kon worden uitgevoerd zonder dat er onacceptabele grondwaterverlagingen optraden.

Brabant Water heeft als doelstelling om drinkwater te leveren met een maximale hardheid van 11,2 graden Duitse hardheid (Dh). Hiervoor is het bedrijf in 2009 gestart met de programmalijn Deltaplan Ontharding. Dit deltaplan is erop gericht om in gebieden met een hogere hardheid onthardingsinstallaties te bouwen, die de hardheid verlagen tot 8,0 Dh of lager. Een van de plekken waar dat gebeurt is productielocatie Tilburg.



BRL 12000
Om de bouw van de onthardingsinstallatie op het terrein van het Tilburgse drinkwaterproductiebedrijf mogelijk te maken zonder dat de levering van drinkwater tijdens de bouw in gevaar zou komen, moesten hier verschillende leidingen worden omgelegd en nieuwe worden aangelegd. Hiervoor waren diverse bouwputten en leidingsleuven nodig. Om deze droog te houden was bemaling vereist. Adviesbureau Fugro heeft hiervoor een bemalingsadvies gemaakt en op basis daarvan heeft bemalingsbedrijf PJ de Vet & Zonen Mill BV in opdracht van Brabant Water een bemalingsplan opgesteld. Hierbij is De Vet uitgegaan van de beoordelingsrichtlijn 'BRL 12000 Tijdelijke grondwaterbemaling'. Volgens De Vet is de meerwaarde van werken volgens de beoordelingsrichtlijn dat vooraf alle risico's goed in beeld komen. Dat biedt de mogelijkheid om maatregelen te treffen waarmee de belangrijkste risico's kunnen worden beheerst. Daarbij kan gedacht worden aan extra grondonderzoek, het uitvoeren van een proefbemaling, het installeren van overcapaciteit of het opzetten van een monitoringsysteem.

Geohydrologische situatie
Bij het opstellen van het bemalingsplan heeft De Vet het bemalingsadvies van Fugro en ervaringen met eerdere bemalingen in de directe omgeving als startpunt genomen. Om tot een goed plan te komen heeft het bedrijf vervolgens de geohydrologische situatie en de bodemopbouw grondig in kaart gebracht[GR1]. Hieruit blijkt dat de gemiddelde grondwaterstand ongeveer + 9,5 meter NAP bedraagt en de ondergrond bestaat uit zand, met lokaal wat grind en leem- en kleilaagjes tot een diepte van – 10,5 à – 11,5 meter NAP. Het maaiveld ligt op circa 13,5 meter boven NAP. Om te zorgen voor een afdoende veiligheidsmarge heeft De Vet besloten tijdens de uitvoering rekening te houden met een grondwaterstand van ongeveer + 10,2  m NAP.

Proefbemaling
Voor het opstellen van het bemalingsadvies heeft Fugro gebruik gemaakt van gegevens uit de eigen archieven en gegevens van DINOloket. Op de locatie zelf is geen grondonderzoek uitgevoerd. Om beter inzicht te krijgen in de lokale geohydrologische situatie heeft De Vet een proefbemaling uitgevoerd. Doel hiervan is de bodemdoorlatendheid te bepalen. Tijdens de proefbemaling wordt een bepaald debiet onttrokken uit de bodem, waarbij uit de resulterende grondwaterstandverlaging de bodemdoorlatendheid kan worden afgeleid. Deze bodemdoorlatendheid is gebruikt om het rekenmodel te kalibreren dat Fugro heeft toegepast bij het opstellen van het bemalingsadvies. Berekeningen met het gekalibreerde model lieten vervolgens zien dat de verschillende bouwputten en sleuven met kleinere onttrekkingen droog konden worden gehouden dan in eerste instantie in het bemalingsadvies was aangegeven.

Retourbemaling
Waterproductiebedrijf Tilburg ligt midden in een natuurgebied. Voor de tijdelijke onttrekking van het grondwater op het bedrijfsterrein was een vergunning nodig van waterschap Brabantse Delta. Hierin was de eis opgenomen dat de onttrekkingen geen effect mochten hebben op de grondwaterstanden buiten het terrein. Om daarvoor te zorgen is De Vet uitgegaan van retourbemaling, waarbij al het onttrokken water ter plekke weer werd geïnfiltreerd. Voor het droogleggen en -houden van de diverse bouwputten en leidingsleuven heeft De Vet vacuümbemalingen met verticale filters toegepast. Voor het infiltreren van het onttrokken water, is de zogeheten zogenoemde DSI®-methode gebruikt.



Overcapaciteit
Voor de retourbemaling is al het opgepompte water eerst naar een buffercontainer getransporteerd. Uit de container is het water met een regelbare centrifugaalpomp onder druk naar het DSI®-infiltratiesysteem geperst en weer in de bodem teruggevoerd. Om mogelijke terugval in opnamecapaciteit te ondervangen en de volledige infiltratie ook te kunnen waarborgen als af en toe een DSI®-retourfilter moest worden geregenereerd, heeft De Vet de DSI®-retourbemaling ontworpen met een overcapaciteit van ongeveer 15%.

Geoptimaliseerd
Tijdens de werkzaamheden in de bouwputten en leidingsleuven heeft De Vet in overleg met de hoofdaannemer de capaciteit van de bemaling regelmatig geoptimaliseerd. Zo is de bemaling steeds afgesteld op de minimaal noodzakelijke grondwaterverlaging om de hoeveelheid te onttrekken water zo veel mogelijk te beperken. Om de grondwaterverlaging te kunnen controleren, waren peilbuizen aangebracht in of vlakbij de bouwputten. Verder heeft de Vet iedere week het hele bemalingssysteem gecontroleerd, waarbij werd gelet op de werking van de bemaling en van het DSI® infiltratieveld, de pompen en debietmeters en eventuele lekkage van afvoerleidingen. En om te voorkomen dat er water in de bouwputten kwam te staan bij een eventuele stroomstoring, heeft De Vet een automatisch startend noodstroomaggregaat toegepast, in combinatie met een telefonische alarmmelder.

Monitoring
Om alles goed te kunnen volgen gedurende de bemalingsperiode en tijdig te kunnen inspelen op onverwachte gebeurtenissen, heeft De Vet uitgebreid gemonitord. Zo werd het grondwaterpeil in de bouwputten voortdurend gemeten, waarbij boven een grenswaarde automatisch een alarmmelder werd geactiveerd. Verder werd de hoeveelheid opgepompt water continu gemeten met digitale flowmeters in de afvoerleidingen en dagelijks met de hand geregistreerd. De tien peilbuizen op en rondom het terrein werden drie keer per week gecontroleerd, waarbij de peilen digitaal werden verwerkt in een overzicht.

Stoplichtmodel
Voor de vier peilbuizen buiten het terrein heeft De vet gewerkt met een zogeheten stoplichtmodel, zoals beschreven in de BRL 12000. Dit was gekoppeld aan het digitale overzicht en gaf automatisch een signaal als kritische waarden werden genaderd of bereikt. Bij een grondwaterverandering tussen de + 10 en + 100 centimeter stond het stoplicht op groen, tussen + 10 en – 4 centimeter op oranje en bij een daling van 5 centimeter of meer op rood. Daarbij was de afspraak dat bij 'oranje' met de hoofdaannemer werd besproken welke maatregelen genomen moesten worden om verdere daling te voorkomen en bij 'rood' overleg plaatsvond met zowel de hoofdaannemer als de opdrachtgever over te nemen acties, waaronder het tijdelijk stopzetten van de bemaling.

Positief
De werkzaamheden aan de leidingen bij het drinkwaterproductiebedrijf zijn in het najaar van 2012 gestart en voorjaar 2013 afgerond. Arthur van Gent, projectleider Infratechniek bij Brabant Water blikt positief terug op het project dat absoluut geen routineklus was: “De werkzaamheden waren lastig omdat het terrein intensief in gebruik was, de vergunning een grondwaterverlaging buiten het terrein niet toestond, er veel leidingen in de ondergrond zitten en er relatief diepe bouwsleuven nodig waren. Dat bracht allerlei risico's met zich mee. Het toepassen van de BRL 12000 heeft enorm geholpen die risico’s te identificeren en er systematisch naar te handelen. Het resultaat is dat alles goed en volgens de vergunningvoorschriften is verlopen en er geen ongewenste grondwaterverlagingen zijn opgetreden. Voor ons als opdrachtgever een hele geruststelling.”

In 2013 heeft De Vet het project voorgedragen voor het verkrijgen van de BRL 12000 certificering. Na een audit door Alfa Bureau voor Certificering BV, een van de toetsende organisaties, heeft de Vet het certificaat gekregen. Onderaan de pagina over de BRL 12000 op de website van SIKB is meer informatie te vinden over gecertificeerde en toetsende organisaties, 


NIEUWS